Windkracht

Watersport en Wind
Wat zou de duivel een arme stakker zijn als hij geen vuur had. Wat is een watersporter zonder wind?
Er is altijd iets met de wind aan de hand; hij is te hard of te zacht, zit in de foute hoek, is te koud, is te rukkerig, is draaierig enz. Zelf als hij stil is, is het niet goed. Toch is het dé vriend van de watersport bij uitstek. Hij brengt verandering in het weer, hij zorgt voor bolle zeilen, hij geeft verkoeling op een zwoele zomeravond en ga zo maar door. Soms heeft de wind een naam, Sirocco, Mistral, Williwaw enz. Houdt hem dan ook maar goed in de gaten want hij doet waar die zin in heeft. Toch hebben we de wind proberen te temmen, dit is alleen gelukt in getallen en omschrijvingen. Daarom volgen hier de belangrijkste.

Windrichting
Wind komt, stroom gaat. Dit rijmpje wordt door de zeelui nog wel eens gebruikt, ofwel de wind komt uit het Noordwesten en gaat in de richting die tegenover het NW staat ( Zuidoost). Het heet dan ook een Noordwester. In tegenstelling tot de stroom op zee, die gaat bv. in de richting Zuid. Er staat dan ook een zuidelijke stroom.

De windrichtingen kan veranderen
Een ruimende wind verandert rechtsom van richting (met de wijzers van de klok mee). Dus de wind ruimt van West naar Noord. Een krimpende wind doet precies het omgekeerde.

De windsnelheid of windkracht volgens de schaal van Beaufort
Begin 1800 is door de admiraal Sir Francis Beaufort een relatie gelegd tussen de windkracht en de hoeveelheid zeil op een groot zeilschip. Rond 1900 voegde de admiraal William Peterson hier de gevolgen aan toe die de wind op het zeeoppervlak heeft. Tot op de dag van vandaag wordt de 13-delige schaal van Beaufort nog gebruikt. Windkracht 13 kennen we niet maar daarvoor gebruiken we de schaal voor orkanen volgens Saffir & Simpson.

BF KNMI Zeevaart in km/h     knopen inm/s       zeeoppervlak
0 stil windstil 0-1 0-1 0-0,2 spiegelgladde zee
1 zwak lauw en stil 1-5 1-3 0,3-1,5 golfjes, geschubd aanzicht
2 zwak flauwe koelte 6-11 4-6 1,6-3,3  kleine korte golfjes
3 matig lichte koelte 12-19 7-10 3,4-5,4  kleine golven, toppen beginnen te breken
4  matig matige koelte  20-28 11-16  5,5-7,9  kleine golven beginnende witte schuimkoppen
5  vrij krachtig frisse bries 29-38 29-38 17-21 8-10,7 matige golven, overal schuimkoppen 
6  krachtig stijve bries 39-49  22-27  10,8-13,8  grote golven, opwaaiend schuim 
7  hard harde wind  50-61  28-33 13,9-17,1 golven worden hoger, beginnende schuimstrepen 
8  stormachtig stormachtige wind 62-74 34-40 17,2-20,7  matig hoge golven, schuimstrepen
9  storm storm 75-88 41-47 20,8-24,4 hoge golven, rollers, slecht zicht door schuimvlagen
10  zware storm zware storm 89-102 48-55 24.5-28.4 zeer hoge golven, zee wit van schuim, overslaande rollers 
11  orkaanachtig  zeer zware storm 103-117 56-63 28.5-32.6  extrteem hoge golven, zee geheel bedekt met schuim 
12  orkaan orkaan  > 117  > 63  > 32,6   lucht vol verwaaid water en schuim, geen zicht meer
             

Van meters per seconde naar knopen en naar Beaufort
Met de navolgende formules kunt u van meters per seconde naar knopen en van knopen naar Beaufort omrekenen:
(m/s×2=Kn) Vermenigvuldig het aantal meters per seconde met 2 en u krijgt knopen. Voorbeeld: 12,5 m per sec. ×2=25 kn. (Dus dit is 6 Beaufort (25÷5)+1=6 zie onderstaande formule) 
(Kn÷ 5) + 1= Bf. Deel het aantal knopen door 5 en tel bij de uitkomst 1 op. Vanaf 40 knopen de waarde 1 niet meer gebruiken. Voorbeeld: 30 knopen = 7 Bf. (30÷5)+1=7. Bij 50 knopen=10 Bf. 50÷5=10

Deze formules zijn een ruwe benadering maar handig om aan boord snel uit het hoofd de gegevens om te rekenen. Ze kunnen natuurlijk ook omgekeerd worden gebruikt.

Windstoten en of uitschieters
De wind heeft dus een snelheid die op een gemiddelde is gebaseerd. Dit wordt over een tijd van 1 min., 10 min. of een uur gemeten incl. de uitschieters. In Nederland gaat het bijna altijd om een gemiddelde van 10 min. De uitschieters kunnen echter veel hoger in snelheid zijn dan het gemiddelde. Er is sprake van windstoten als de uitschieters minstens 10 knopen (19 km/uur) hoger zijn dan de gemiddelde wind. Van zware windstoten is sprake bij een windsnelheid van 41 knopen (75 km/uur) of meer. Dit is gelijk aan 9 Bft. gem wind. Van ZEER zware windstoten is sprake bij een windsnelheid van 56 knopen (103km/uur) of meer. Dit is gelijk aan 11 Bft. gem. wind. 

Een voorspelling van een zware storm (eind 2006) met mogelijkheid op zeer zware windstoten is voor weinig watersporters een uitdaging om het water op te gaan. Maar die mooie zomerse dag met een lopend windje van 6 Bft. zorgt voor een drukte van belang. Toch is dit niet altijd een garantie dat er geen zeer zware windstoten kunnen voorkomen. Als aan de horizon zich zware bewolking manifesteert, kan dit op een buienlijn duiden. Zware trekkende buien (Supercel) kunnen een onderdeel hier van zijn. Terwijl het zonnetje schijnt komt het gevaar met redelijke snelheid op u af. De top van de wolkenmassa krijg de vorm van een aambeeld (cumulonimbus) en van het ene op het ander moment veranderd er van alles, temperatuur, neerslag windrichting en windkracht. En ook windstoten horen bij dit menu. Ieder vaarseizoen komen ze wel eens voor en kunnen veel schade veroorzaken. Het uitluisteren van weerberichten kan een hoop ellende voorkomen.

Weerrijmpje
Komt wind voor regen, daar is niet aan gelegen.
Komt regen voor wind, berg je zeilen gezwind. 

Waterhozen, de vrees van de watersport 
Bij stapelwolken en buien kunnen waterhozen tot ontwikkeling komen. Deze wervelwinden heten boven land windhozen en boven zee waterhozen. Tornado' s zijn zeer zware en alles verwoestende windhozen. Ze komen meestal alleen boven land voor.

Een waterhoos is te herkennen aan een klein slurfje dat uit de wolk naar beneden hangt. Het beweegt met de buienwolk mee. Vaak verdwijnt het even snel als het gekomen is en er zijn dan ook geen windstoten van betekenis merkbaar. Maar het kan zich ook tot een echte waterhoos ontwikkelen. Voor de watersport is het nu opletten geblazen. In een afstand van 10 tot 30 meter van de slurfkern kunnen zeer hoge windsnelheden voorkomen die orkaankracht kunnen bereiken (≥ 100 kn). Voordat de slurf het zeeoppervlak raakt is er op het wateroppervlak al een spiraalvormig patroon waar te nemen. Als de slurf de verbinding met het water heeft gemaakt vormt zich een kring van opwaaiend sproeiwater. Het is een spectaculair natuurverschijnsel om op gepaste afstand te aanschouwen. De gevaren zijn slechts beperkt tot een tiental meters rond de slurf. Alleen blijft de vraag in welke richting hij beweegt. Dus veiligheid voor alles en snel de motor aan e.v. zeilen bergen en afstand nemen. Vaar weg dwars op de richting waarin de wolken zich begeven maar laat u zich niet in de hoek drijven door de waterhoos. Vergeet vooral niet om er een foto van te maken.

Advertentie

Deel dit met andere watersporters

Laatste nieuws

Perioden met regen, vanmiddag opklaringen en enkele buien
Aanbiedingen
  • Nieuwe artikelen

    Buitenboordmotorslot

    Voorkom diefstal
    vanaf 79,95

     

    Vaarkaarten Duitse Wadden

    Zie het overzicht!

     

    ANWB Wateralmanak 2017

     

    Roest verdwijnt als
    sneeuw voor de zon

    Lees meer...

     

    Kaarten en boeken
    Duitsland
     

    Nieuwe zaklampen!
    v.a. 29,95

     

Ook te volgen via